Gerard Besseling in het nieuwe educatief centrum

Het nieuwe educatieve centrum voor houtzaagmolen De Salamander is niet zo nieuw als we denken en zien. Weliswaar zijn er nieuwe materialen gebruikt voor de bouw maar de oorsprong van deze materialen zijn ouder en soms al eerder gebruikt. Hoe zit dat?

Eerst even een korte aanloop. In het voorjaar van 2013 kwam het toenmalige bestuur op het voorstel een groter bijgebouw te willen voor de steeds groter wordende groep vrijwilligers. Tevens was er behoefte aan een mogelijkheid om het oude proces van houtzagen op een moderne wijze uit te leggen aan de jeugd en belangstellenden. Een korte architectonische studie en een daaraan gelieerd budget gaven geen reden tot directe vreugde. Het bestemmingsplan liet een beperkt gebouw en bouwhoogte toe en de nieuwprijs was een te grote aanslag op de financiën. Kon het niet anders was de vraag. Met de komst van een nieuw bestuur is dit plan opgepakt en verder uitgewerkt. Het gebouw kreeg een L vorm met diverse dakvormen. Het principe van circulair* bouwen werd er op los gelaten. Het bestaande gebouwtje moest verkocht worden en diverse fondsen werden aangeschreven voor een financiële bijdrage. De nominatie en het later winnen van de molenprijs 2014 gaf een groen licht voor het nieuw bouwen van het toen voorliggende ontwerp. De provincie gaf een forse subsidie in het kader van de trekvaarten, het huisje werd goed verkocht, de gemeente LV zegde steun en subsidie toe. Na een voorbereiding van bijna 2 jaar werd op 2 maart 2015 begonnen met de bouw. Ruim twee maanden later was het gebouw klaar aan de buitenkant. Op 13 mei was de sleutel overdracht en kon een ploeg vrijwilligers aan de binneninrichting en afwerking beginnen.

Wat is 'circulair bouwen' ?

In een advertorial in de NRC van 14 februari 2015 brengen Herman Wijffels en Talitha Muusse het begrip goed onder woorden. “Een circulaire economie heeft een maximale herbruikbaarheid van producten en grondstoffen”. Zie het hele artikel 

Met deze gedachte is het gebouw verder ontworpen en uitgevoerd. Tevens zijn de isolatie waarden van het nieuwe bouwbesluit 2015 op het gebouw van toepassing. Ook is een eigen energiebron toegevoegd door middel van zonnepanelen die meer opleveren dan het gebouw zelf zal gebruiken. Zoals Muusse het zegt “de toekomst ligt bij bedrijven ( lees organisaties) die iets van waarde creëren voor henzelf en de samenleving”. Er is tijdens de bouw streng op toegezien dat verantwoorde en terugwinbare materialen zijn gebruikt. Dat is voor een groot gedeelte gelukt. De vloer- en dakisolatie zijn op dit punt de zwakke kanten. In technische zin meer dan perfect maar in herbruikbaarheid niet optimaal. Daar tegenover staat het gebruik van duurzaam hout voor de gehele constructie en natuurlijk het door onszelf gezaagde plankwerk aan de buitengevel. Van boom tot buitenplank.

Het ontwerp en de bouw

Als inspiratie is een oude schoolplaat gebruikt van Van Dongen waarin een oude scheepswerf staat aan de Vliet met op de achtergrond molen De Salamander. De scheepswerf stond weliswaar 100 meter zuidelijker maar gaf voldoende inspiratie om als hoofdvorm en materiaalgebruik te dienen. Uiteindelijk is het gelukt een puntdak op het gebouw te krijgen. Deze bouwstijl vind men veel terug in de 17e en 18e eeuw. Vooral in de Zaanstreek zie je nog veel voorbeelden. Tijdens de bouw is het gebouw op de rand van het beschikbare terrein gezet zodat een maximaal pleintje ontstaat waarop alle activiteiten gezien en uitgelegd kunnen worden. Op dit plein staat nu ook de oude stoommachine uit 1939. In de voorbereiding is besloten om de constructies op het bouwterrein te maken en dat het zou dienen als stageplek voor VMBO onderwijs. De stagiair, Bence, heeft het gehele traject op de bouwplaats meegemaakt. Het aloude vakmanschap werd volledig ingezet door de aannemer. Na het heiwerk met houtenpalen en het storten van de geïsoleerde vloer zijn de wanden als houten skeletten opgetrokken. Op een afstand van 41 cm zijn de staanders geplaatst en daartussen voorzien van naturoll isolatie op basis van geblazen steenwol met een R waarde van 4. De binnenwanden zijn van multiplex van Fins vurenhout. De buitenwand bestaat uit een licht ventilerende houten gevel met overnaadse planken, zelf gezaagd, geschaafd en voorbehandeld. De kozijnen hebben HR++ glas met een coating die de warmte van de zon binnenlaat. Het dak heeft een isolatie van R=6. De hoogste norm op dit moment. Op het dak ligt een verbeterde holle pan met daarin geïntegreerd zonnepanelen aan de zuidwest zijde. Er is zorg besteed aan de dakrand details en afwerking van de windveer en makelaar op top van het dak. Er komt nog een beloopbare rondgang boven het water en de bestrating wordt geheel vernieuwd en aangeheeld. Hiermee ontstaat een afgewogen beeld en fris beeld van het molenerf en kan in het nieuwe gebouw les gegeven worden aan de jeugd en belangstellenden van de molen. De molenaar en de vrijwilligers hebben een groter onderkomen voorzien van keukenblok en eigen toilet.

Tot slot

De doelstelling van een nieuw gebouw aansluitend op de traditionele bouwwijze die bij een houtzaagmolen hoort is gehaald. De stap is verder gezet naar een toekomst waarin niet alleen het gebouw maar ook de inhoud hiervan een grote waarde heeft voor de toekomst. Het vertrouwen is er dat ook dit gebouw minimaal 20 jaar meegaat, zoals het vorige, en daarna nog een bijdrage kan leveren aan de economie door hergebruik.

“waarde creëren voor onszelf en de samenleving”

Auteur: Gerard M. Besseling Arch. AvB